[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"court-category-den-haag-interpreter-registration-nl":3},{"court":4,"category":9,"stats":15,"decisions":21,"total":16,"page":41,"limit":42},{"id":5,"name":6,"country":7,"slug":8},58,"Den Haag","nl","den-haag",{"id":10,"slug":11,"name":12,"country":13,"createdAt":14},103,"interpreter-registration-nl","Interpreter Registration","NL","2026-07-08T16:56:40.760Z",{"totalDecisions":16,"dateRange":17,"topProvisions":20},2,{"min":18,"max":19},"2023-03-22T00:00:00.000Z","2023-04-13T00:00:00.000Z",[],[22,33],{"id":23,"ecli":24,"slug":25,"caseNumber":26,"courtId":5,"decisionDate":19,"fullText":27,"summary":26,"language":7,"source":28,"sourceUrl":29,"sourceTimestamp":30,"parsedAt":31,"updatedAt":32},"512","ECLI:NL:RBDHA:2023:5406","ecli-nl-rbdha-2023-5406","","RECHTBANK DEN HAAG\n\nBestuursrecht\n\nzaaknummer: SGR 22\u002F2775\n uitspraak van de enkelvoudige kamer van 13 april 2023 in de zaak tussen\n [eiseres], uit [woonplaats], eiseres\n\nen\n\nDe Minister van Justitie en Veiligheid, verweerder\n\n(gemachtigde: mr. D.E.S. Tomeij).\n\nProcesverloop\n\nMet het besluit van 12 november 2021 heeft verweerder het verzoek van eiseres om als tolk te worden ingeschreven in het Register beëdigde tolken en vertalers afgewezen.\n\nEiseres heeft bezwaar ingediend tegen dit besluit.\n\nMet het besluit van 18 maart 2022 heeft verweerder het bezwaar van eiseres ongegrond verklaard.\n\nEiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.\n\nVerweerder heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.\n\nDe rechtbank heeft het beroep op 15 maart 2023 met behulp van een beeldverbinding op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres en de gemachtigde van verweerder.\n\nOverwegingen\n\nWaar gaat deze zaak over?\n\n1. Eiseres heeft een verzoek tot inschrijving in het Register beëdigde tolken en vertalers (Rbtv) als tolk op B2-niveau Nederlands-Swahili en Nederlands-Kinyarwanda gedaan. Verweerder heeft dit verzoek afgewezen omdat eiseres niet voldoet aan de voorwaarden uit het Besluit.Zij is niet in het bezit van een getuigschrift waaruit blijkt dat zij met succes het examen heeft afgelegd ter afsluiting van een opleiding tot tolk. Ook heeft zij niet anderszins aannemelijk gemaakt dat inschrijving gerechtvaardigd is. Verweerder heeft overwogen dat eiseres onder andere niet aan de volgende (cumulatieve) eisen voldoet:\n\nTaalvaardigheid van het Swahili en het Kiryawanda op B2-niveau van het Europees Referentie Kader (ERK), Tolkvaardigheid en tolkattitude en Kennis van de cultuur van het land of gebied van de bron- en doeltaal.\n\nWat vindt eiseres?\n\n2. Eiseres stelt zich op het standpunt dat haar verzoek onterecht is afgewezen. Zij werkt al 18 jaar als tolk en vertaler voor verschillende instanties, waaronder de IND, politie en justitie en verschillende artsen en psychologen. Zij is geboren in Burundi, de hoofdtalen van dit land zijn Kinyarwanda, Swahili en Kirundi. Zij is opgegroeid met deze talen en spreekt die vloeiend. Eiseres voldoet dan ook wel aan de inschrijvingsvoorwaarden.\n\nWat is het oordeel van de rechtbank?\n\n3. Tussen partijen is niet in geschil dat eiseres niet beschikt over een diploma van een tolkopleiding op minimaal bachelor niveau voor de gevraagde talencombinaties, zodat zij niet op grond van artikel 8, eerste lid, onder a, van het Besluit btv als tolk in het Rbtv kan worden ingeschreven.\n\nTaalvaardigheid in Swahili en Kiryanwanda op B2 niveau\n\n4. Eiseres kan alleen worden ingeschreven als tolk door op een andere manier aan te tonen dat zij voldoet aan de wettelijke competenties.Deze mogelijkheid is voor wat betreft niveau B2 uitgewerkt in artikel 4 van het Besluit inschrijving Rbtv. In dit artikel worden twee situaties genoemd waarin eiseres toch in aanmerking kan komen voor inschrijving in het Rbtv. De eerste situatie is dat eiseres kan aantonen te beschikken over een getuigschrift waaruit blijkt dat zij in de betreffende talencombinatie een tolktoets op B2-niveau, die voldoet aan het Kader voor tolktoetsen, met goed gevolg heeft afgelegd. Eiseres beschikt niet over het hier bedoelde getuigschrift. Zij kan dan ook niet op deze grond worden ingeschreven in het Rbtv.\n\n5. De tweede situatie is dat eiseres moet kunnen aantonen te voldoen aan de vijf cumulatieve voorwaarden genoemd in het Besluit inschrijving Rbtv.De rechtbank moet in dit het geval van eiseres beoordelen of de minister terecht heeft geoordeeld dat eiseres niet voldoet aan drie van die voorwaarden. Het gaat dan specifiek om de beheersing van de doeltalen, kennis van de cultuur van het land of gebied van de bron- en doeltaal en tolkvaardigheid en attitude.\n\n5.1.. Als eerste zal de rechtbank kijken naar de beheersing van de doeltalen, Swahili en Kinyarwanda. De rechtbank is het met verweerder eens dat onvoldoende, met objectieve stukken, kan worden aangetoond dat eiseres de talen op B2 niveau beheerst. In het Beoordelingskader tolk B2 is uitgewerkt hoe de beheersing van de doeltaal kan worden aangetoond. Dit kan allereerst als eiseres een diploma van een afgeronde opleiding waarin de vreemde taal de onderwijs taal was kan laten zien. Eiseres heeft meerdere diploma’s van in Burundi gevolgde en afgeronde opleidingen overhandigd. Hieruit blijkt echter niet in welke taal deze opleidingen zijn gevolgd. Zij heeft wel, ter onderbouwing, een verklaring van de ambassade van Burundi overhandigd. Uit deze verklaring blijkt dat de opleidingen in het Frans en Kirundi zijn gegeven. Eiseres heeft dus geen opleiding afgerond waarbij het onderwijs in het Kinyarwanda of het Swahili is gegeven.\n\n5.2.. De andere mogelijkheid die het uit het Beoordelingskader volgt is de situatie waarin tolkervaring is opgedaan over een aaneengesloten periode van 5 jaren in de tien jaar voorafgaand aan het verzoek. Deze tolkervaring moet minstens een omvang van 1.000 uren evenredig verdeeld over die vijf jaar hebben. Eiseres heeft meerdere overzichten van haar werkzaamheden als tolk (Nederlands-Kiryanwanda) voor Global Talk BV overlegd. Hieruit blijkt dat zij in de periode tussen 2016 en 2022 111:58 uur en 203:17 uur in het Kinyarwanda en 87,4 uur in het Swahili heeft getolkt. Daarnaast heeft zij bij Elicio een tolktoets afgenomen en een collega getoetst op de taalvaardigheid van Frans en Kinyarwanda. Eiseres heeft ook nog een GAAS overzicht overlegd met haar werkzaamheden over de afgelopen jaren. Dit overzicht is echter ongespecificeerd, er blijkt niet uit in welke taal de werkzaamheden zijn uitgevoerd. Eiseres kan dan ook niet met objectieve stukken aantonen dat zij minimaal 5 jaar relevante tolkwerkzaamheden heeft verricht in het Kinyarwanda of het Swahili. Naar het oordeel van de rechtbank kon verweerder haar verzoek tot inschrijving dan ook afwijzen.\n\n5.3.. De rechtbank wil eiseres er nog wel op wijzen dat verweerder op zitting heeft aangegeven dat zij nog een tolkvaardigheidstoets kan doen. Op dat moment is zij waarschijnlijk een stap dichter bij inschrijving in het register.\n\nConclusie en gevolgen\n\n6. Het beroep is ongegrond.\n\n7. Voor een proceskostenvergoeding bestaat geen aanleiding.\n\nBeslissing\n\nDe rechtbank verklaart het beroep ongegrond.\n\nDeze uitspraak is gedaan door mr. G.P. Kleijn, rechter, in aanwezigheid van mr. M.H.T. van Bruggen, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 13 april 2023.\n\ngriffier\n\nrechter\n\nEen afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:\n\nInformatie over hoger beroep\n\nEen partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.\n\n Artikel 4 en 8 van het Besluit inschrijving Register beëdigde tolken en vertalers (Besluit inschrijving Rbtv).\n\nartikel 8, eerste lid, onder b, van het Besluit inschrijving Rbtv.\n\n Artikel 4, aanhef en tweede lid, van het Besluit inschrijving Rbtv.","rechtspraak_nl","https:\u002F\u002Fdeeplink.rechtspraak.nl\u002Fuitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2023:5406","2023-04-17T00:00:00.000Z","2026-07-08T16:52:53.682Z","2026-07-13T00:28:34.139Z",{"id":34,"ecli":35,"slug":36,"caseNumber":26,"courtId":5,"decisionDate":18,"fullText":37,"summary":26,"language":7,"source":28,"sourceUrl":38,"sourceTimestamp":39,"parsedAt":31,"updatedAt":40},"513","ECLI:NL:RBDHA:2023:3864","ecli-nl-rbdha-2023-3864","RECHTBANK DEN HAAG\n\nBestuursrecht\n\nzaaknummer: SGR 22\u002F1617\n uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 maart 2023 in de zaak tussen\n [eiser], uit [woonplaats], eiser\n\n(gemachtigde: mr. L. Nix),\n\nen\n\nde minister van Justitie en Veiligheid, verweerder\n\n(gemachtigde: mr. D.E.S. Tomeij).\n\nProcesverloop\n\nBij besluiten van 28 januari 2022 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de verzoeken van eiser om inschrijving als vertaler en tolk afgewezen. Verweerder heeft het bezwaarschrift van eiser tegen deze besluiten op zijn verzoek doorgestuurd naar de rechtbank als rechtstreeks beroep.\n\nEiser heeft de rechtbank op een later moment gevraagd het beroep alsnog door te sturen als bezwaar naar verweerder. De rechtbank heeft dit verzoek afgewezen.\n\nVerweerder heeft een verweerschrift ingediend.\n\nDe rechtbank heeft het beroep op 22 februari 2023 op zitting behandeld.\n\nEiser was aanwezig met zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.\n\nOverwegingen\n\nWaar gaat deze zaak over?\n\n1. De inschrijvingen van eiser als vertaler en tolk Nederlands -> Arabisch (Standaard) en Arabisch (Standaard) -> Nederlands in het Register beëdigde tolken en vertalers (het Rbtv) zijn respectievelijk verlopen en doorgehaald. Eiser heeft verzocht om een hernieuwde inschrijving als vertaler en tolk. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen, omdat eiser volgens hem niet objectief heeft aangetoond aan alle voorwaarden te voldoen. Eiser is het hier niet mee eens.\n\nWat zijn de regels?\n\n2. De relevante regels staan in de bijlage. De bijlage hoort bij de uitspraak.\n\nWat vindt eiser in beroep?\n\n3. Eiser voert aan dat verweerder een te beperkte uitleg geeft aan het begrip “objectief” en ten onrechte voorbij gaat aan zijn ervaring. Hij heeft 15 jaar lang cursus gegeven, heeft meegewerkt en meegeschreven aan de regelgeving en vele opdrachten gedaan. Het oordeel dat hij niet zou hebben aangetoond te beschikken over taalvaardigheid van het Nederlands en het Arabisch op C1-niveau is, gelet op de stukken die hij heeft overgelegd, onbegrijpelijk. Zonder deze competenties had hij de opdrachten, waarover hij informatie heeft overgelegd, niet kunnen vervullen. Verder ontbreekt weliswaar het certificaat van het door hem afgelegde (her-)examen voor beëdiging als tolk\u002Fvertaler in de Arabische taal, maar de verklaring van de vakgroep Arabische en Islamitische Studiën zou voldoende informatie moeten opleveren over het afgelegde examen. Daarom staat vast dat hij in 1984 voldeed aan alle voorwaarden voor beëdiging als tolk\u002Fvertaler. Hij heeft dan ook voldaan aan het criterium dat hij anderszins kan aantonen te voldoen aan de wettelijke competenties.\n\nWat is het oordeel van de rechtbank?\n\nDe inschrijving als vertaler\n\n4. Eiser beschikt niet over een diploma van een vertaalopleiding op minimaal bachelor niveau. Verweerder heeft daarom beoordeeld of eiser kan worden ingeschreven op grond van een aantal andere voorwaarden, waaronder taalvaardigheid van de brontaal en doeltaal op ten minste C1-niveau, ten minste 420 uur scholing om vertaalvaardigheid en -attitude te ontwikkelen en ten minste vijf jaar werkervaring als beroepsvertaler in de betreffende vertaalrichting direct voorafgaand aan het verzoek tot inschrijving in het Rbtv, waarvan ten minste één jaar na afronding van de scholing.\n\n5. Verweerder heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat het uitgangspunt is dat de taalbeheersing op het gewenste niveau door objectieve stukken moet worden aangetoond. Dit betekent dat de taalvaardigheid moet zijn getoetst op het vereiste niveau en dat die toetsing van de taalvaardigheid voor het aantonen van het gevraagde niveau door aangewezen deskundigen wordt verzorgd. De rechtbank vindt het niet onredelijk dat verweerder hieraan vasthoudt, ook al heeft eiser al eerder in het register ingeschreven gestaan. Hierbij neemt de rechtbank in aanmerking dat eiser eerder was ingeschreven op basis van de ingetrokken Wet beëdigde tolken en vertalers van 1878 en een inmiddels vervallen overgangsregeling, waarvoor eiser destijds niet objectief heeft hoeven aantonen dat hij over de vereiste competenties voor inschrijving beschikt.\n\n6. Verweerder heeft terecht gesteld dat eiser niet objectief heeft aangetoond aan de vereiste voorwaarden te voldoen. Dat eiser 15 jaar lang cursus heeft gegeven, heeft meegewerkt en meegeschreven aan de regelgeving en vele opdrachten heeft gedaan, heeft verweerder onvoldoende objectief mogen vinden. De verklaring van de Universiteit van Amsterdam van 22 mei 1984 die eiser heeft overgelegd, waaruit blijkt wat zijn resultaten waren van een examen voor beëdiging als vertaler in 1982 en een herexamen in 1984, leidt niet tot de conclusie dat hij voldoet aan de voorwaarden van beheersing van de brontaal en de doeltaal op C1-niveau. Verweerder heeft zich op het standpunt mogen stellen dat hij met deze verklaring niet kan vaststellen dat het afgelegde examen voldoet aan de eisen die hij daaraan stelt voor wat betreft vertaaltoetsen en taalvaardigheidstoetsen. Eiser heeft ook niet met stukken onderbouwd dat hij voldoet aan de voorwaarde van 420 uur scholing in vertaalvaardigheid en vertaalattitude en aan de voorwaarde van ervaring als beroepsvertaler.\n\nDe inschrijving als tolk\n\n7. Eiser beschikt niet over een tolkopleiding op minimaal bachelor niveau. Verweerder heeft daarom beoordeeld of eiser kan worden ingeschreven op grond van een aantal andere voorwaarden, waaronder taalvaardigheid van de brontaal en doeltaal op ten minste C1-niveau en tolkvaardigheid en -attitude.\n\n8. Verweerder heeft terecht gesteld dat eiser niet objectief heeft aangetoond aan de vereiste voorwaarden te voldoen. Dat eiser 15 jaar lang cursus heeft gegeven, heeft meegewerkt en meegeschreven aan de regelgeving en vele opdrachten heeft gedaan, heeft verweerder, zoals de rechtbank hiervoor heeft overwogen, onvoldoende objectief mogen vinden. De rechtbank volgt de stelling van verweerder dat eiser niet met objectieve stukken de taalvaardigheid in het Arabisch (Standaard) en het Nederlands op C1-niveau heeft aangetoond. Met de verklaring van de Universiteit van Amsterdam van 22 mei 1984 over het door eiser afgelegde examen kan hij niet aantonen dat hij het Nederlands beheerst op C1-niveau. Verweerder heeft zich op het standpunt mogen stellen dat het afgelegde examen niet gelijkgesteld kan worden met een tolkexamen, nu niet gebleken is dat de specifieke tolkvaardigheden en tolktechnieken getoetst zijn en deze voldoen aan de door verweerder vastgestelde kaders. Daarnaast heeft eiser ook niet aangetoond over de vereiste tolkvaardigheid en tolkattitude te beschikken.\n\nWat is de conclusie van deze uitspraak?\n\n9. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat de afwijzingen van de inschrijvingen in het Rbtv als tolk en vertaler in stand blijven. Eiser krijgt daarom het griffierecht niet terug. Hij krijgt ook geen vergoeding van zijn proceskosten.\n\nBeslissing\n\nDe rechtbank verklaart het beroep ongegrond.\n\nDeze uitspraak is gedaan door mr. G.P. Kleijn, rechter, in aanwezigheid van mr. M. de Graaf, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 22 maart 2023.\n\ngriffier rechter\n\nAfschrift verzonden aan partijen op:\n\nBent u het niet eens met deze uitspraak?\n\nAls u het niet eens bent met de uitspraak op het beroep, dan kunt u een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. U moet dit hoger beroepschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven.\n\nBijlage: voor deze uitspraak belangrijke wet- en regelgeving\n\nWet beëdigde tolken en vertalers\n\nArtikel 2\n\nEr is een register voor beëdigde tolken en vertalers. Het register bevat ten aanzien van iedere ingeschreven tolk of vertaler in elk geval de volgende gegevens:\n\na.de personalia;\n\nb.de aanduiding of betrokkene tolk of vertaler is;\n\nc.de bron- of doeltaal dan wel bron- of doeltalen waarin de tolk of vertaler zijn werkzaamheden verricht; en\n\nd.de overige specifieke bekwaamheden waarvan de tolk of vertaler vermelding in het register wenselijk acht.\n\n2 Onze Minister is verwerkingsverantwoordelijk voor het register. Onze Minister kan een verwerker aanwijzen.\n\n[…].\n\nArtikel 3\n\nOm voor inschrijving in het register in aanmerking te komen dient de tolk dan wel de vertaler te voldoen aan de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen eisen ten aanzien van de volgende competenties:\n\n–attitude van een tolk voor de tolk;\n\n–attitude van een vertaler voor de vertaler;\n\n–integriteit;\n\n–taalvaardigheid in de brontaal;\n\n–taalvaardigheid in de doeltaal;\n\n–kennis van de cultuur van het land of gebied van de brontaal;\n\n–kennis van de cultuur van het land of gebied van de doeltaal;\n\n–tolkvaardigheid voor de tolk;\n\n–vertaalvaardigheid voor de vertaler.\n\nArtikel 5\n\nDe aanvraag tot inschrijving wordt afgewezen indien:\n\na.de aanvrager niet voldoet aan de in artikel 3 bedoelde eisen;\n\n[…].\n\nBesluit beëdigde tolken en vertalers\n\nArtikel 8\n\n1. Een tolk of vertaler wordt in het register ingeschreven, indien hij voldoet aan een of meer van de volgende eisen:\n\na. hij beschikt over een of meer van de volgende getuigschriften waaruit blijkt dat hij met goed gevolg het examen heeft afgelegd ter afsluiting van een opleiding tot tolk of vertaler als bedoeld in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek:\n\n1°.een getuigschrift waaruit blijkt dat het recht is verkregen om de titel baccalaureus te voeren;\n\n2°.een getuigschrift waaruit blijkt dat de graad Bachelor is verleend; of\n\n3°.een getuigschrift waaruit blijkt dat de graad Master is verleend;\n\nb. hij anderszins kan aantonen te voldoen aan de wettelijke competenties, waaronder taalvaardigheid in bron- en doeltaal op niveau C1 van het Europees Referentiekader voor Talen.\n\n[…].\n\nBesluit inschrijving Rbtv\n\nArtikel 3\n\nIndien een tolk niet beschikt over een diploma van een tolkopleiding op minimaal bachelorniveau, kan hij worden ingeschreven in het Rbtv op C1-niveau, als de tolk aantoont te beschikken over:\n\n1. a. integriteit;\n\nb. een getuigschrift waaruit blijkt dat de tolk in de betreffende talencombinatie een tolktoets op C1-niveau van het ERK met goed gevolg heeft afgelegd die voldoet aan het Kader voor tolktoetsen; of\n\n2. a. integriteit;\n\nb. taalvaardigheid van de brontaal op ten minste C1-niveau van het ERK;\n\nc. taalvaardigheid van de doeltaal op ten minste C1-niveau van het ERK;\n\nd. kennis van de cultuur van het land of gebied van de bron- en doeltaal;\n\ne. tolkvaardigheid en -attitude.\n\nArtikel 5\n\nIndien een vertaler niet beschikt over een diploma van een vertaalopleiding op minimaal bachelor niveau in de betreffende vertaalrichting, kan hij worden ingeschreven in het Rbtv op C1-niveau, als de vertaler aantoont te beschikken over:\n\n1. a. integriteit;\n\nb. een getuigschrift waaruit blijkt dat de vertaler in de betreffende vertaalrichting een vertaalvaardigheidstoets op C1-niveau van het ERK met goed gevolg heeft afgelegd die voldoet aan het Kader voor integrale taalgebonden vertaalvaardigheidstoetsen; of:\n\n2. a. integriteit;\n\nb. taalvaardigheid van de brontaal op ten minste C1-niveau van het ERK;\n\nc. taalvaardigheid van de doeltaal op ten minste C1-niveau van het ERK;\n\nd. kennis van de cultuur van het land of gebied van de bron- en doeltaal;\n\ne. ten minste 420 uur scholing om vertaalvaardigheid en -attitude op ten minste de onderdelen tekst en tekstbegrip, tekst en cultuur, technische aspecten van het vertalen en vertaalhouding te ontwikkelen;\n\nf. ten minste vijf jaar werkervaring als beroepsvertaler in de betreffende vertaalrichting direct voorafgaand aan het verzoek tot inschrijving in het Rbtv, waarvan ten minste één jaar na afronding van de scholing als bedoeld in artikel 5, tweede lid onder e.\n\n Artikel 8, eerste lid, aanhef en onder b, van het Besluit beëdigde tolken en vertalers.\n\n Artikel 5, tweede lid, van het Besluit inschrijving Rbtv.\n\n Van artikel 37 van de Wet beëdigde tolken en vertalers.\n\n Artikel 3, tweede lid, van het Besluit inschrijving Rbtv.","https:\u002F\u002Fdeeplink.rechtspraak.nl\u002Fuitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2023:3864","2023-03-23T00:00:00.000Z","2026-07-13T00:28:34.175Z",1,20]