ECLI:NL:RBOVE:2026:3808
Samenvatting
Civiel recht
Uitspraak
Almelo
RECHTBANK Overijssel
Civiel recht
Zittingsplaats Almelo
Zaaknummer: C/08/338354 / HA ZA 25-304
Vonnis van 24 juni 2026
in de zaak van
ERIK NIJHOFF Q.Q.,
in de hoedanigheid van curator in het faillissement van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid TWENTE TRADING ALMELO B.V.,
kantoorhoudend in Almelo,
eisende partij,
hierna te noemen: de curator,
advocaat: mr. G.J. Ligtenberg,
tegen
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [gedaagde 1] B.V.,
gevestigd in [vestigingsplaats] ,2 [gedaagde 2] ,
wonend in [woonplaats 1] ,3 [gedaagde 3] ,
wonend in [woonplaats 2] ,
gedaagde partijen,
hierna samen te noemen: gedaagden,
niet verschenen.
1. De procedure
1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:
de dagvaarding, die is betekend op 19 december 2024, met 15 producties,
het herstelexploot, dat is betekend op 17 februari 2025,
de e-mail van mr. Ligtenberg van 4 juni 2026,
het tegen gedaagden verleende verstek.
1.2. Aansluitend is vonnis bepaald.
2. De beoordeling
2.1. De rechtbank constateert dat gedaagden niet in het geding zijn verschenen. Niet naar aanleiding van de dagvaarding, die is betekend op 19 december 2024, en evenmin naar aanleiding van het herstelexploot, dat is betekend op 17 februari 2025.
2.2. Het herstelexploot van 17 februari 2025 is betekend op het kantoor van advocaat mr. A.C. Huisman. Volgens het herstelexploot hebben gedaagden op dat kantoor woonplaats gekozen. Bij e-mail van 4 juni 2026 heeft de rechtbank aan mr. Ligtenberg gevraagd om aan te geven waaruit blijkt dat gedaagden op het kantooradres van mr. Huisman woonplaats hebben gekozen. In antwoord daarop heeft mr. Ligtenberg bij e-mail van 4 juni 2026 een e-mail van mr. Huisman van 12 februari 2025 overgelegd, waarin door mr. Huisman is aangegeven dat het herstelexploot op zijn kantooradres kan worden betekend. Naar het oordeel van de rechtbank is hiermee in voldoende mate gebleken dat gedaagden woonplaats hebben gekozen op het kantooradres van mr. Huisman.
2.3. Tegen gedaagden is door de rechtbank verstek verleend, omdat de rechtbank niet is gebleken dat bij het dagvaarden de voorgeschreven termijnen en formaliteiten niet in acht zijn genomen, een en ander als bedoeld in artikel 139 Rv.
2.4. De vorderingen van de curator blijken uit de dagvaarding waarmee deze procedure is ingeleid. De inhoud van deze dagvaarding moet als hier herhaald en ingelast worden beschouwd.
2.5. De vorderingen van de curator komen de rechtbank in zijn algemeenheid niet onrechtmatig of ongegrond voor. De vorderingen van de curator worden daarom grotendeels toegewezen, zoals geformuleerd in het dictum van dit vonnis.
2.6. De vorderingen van de curator worden deels afgewezen, omdat sommige deelvorderingen uit het petitum niet goed op elkaar aansluiten. Zo vordert de curator onder 3 een verwijzing naar de schadestaatprocedure op basis van het gevorderde onder 1, terwijl in het gevorderde onder 1 al een concreet bedrag wordt genoemd (en toegewezen). Het door de curator onder 3 gevorderde wordt daarom afgewezen.
2.7. Het door de curator onder 4 gevorderde wordt ook afgewezen. Die vordering betreft een rentevordering waarbij wordt verwezen naar een bedrag dat is genoemd in het petitum onder 2, maar in het petitum onder 2 staat geen bedrag genoemd. Vordering sub 4 is daarom niet toewijsbaar.
2.8. De gevorderde buitengerechtelijke kosten (petitum, onder 6) worden afgewezen, omdat die door de curator op geen enkele wijze zijn toegelicht en/of onderbouwd.
2.9. Gedaagden zijn in het ongelijk gesteld en moeten daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van de curator worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
€
112,37
- griffierecht
€
2.723,00
- salaris advocaat
€
3.723,00
(1 punt × € 3.723,00)
- beslagkosten
€
2.906,67
- nakosten
€
189,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
9.654,04
3. De beslissing
De rechtbank
3.1. veroordeelt gedaagden hoofdelijk om aan de boedel van Twente Trading Almelo B.V., respectievelijk de curator, te betalen een bedrag van € 30.854,00,
3.2. verklaart voor recht dat gedaagden jegens de boedel van Twente Trading Almelo B.V. hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de schulden van Twente Trading Almelo B.V., voor zover deze schulden niet door vereffening van de overige baten van Twente Trading Almelo B.V. kunnen worden voldaan, zoals het tekort zal zijn na het houden van de verificatievergadering, te vermeerderen met de faillissementskosten in het faillissement van Twente Trading Almelo B.V.,
3.3. veroordeelt gedaagden hoofdelijk om aan de boedel van Twente Trading Almelo B.V., respectievelijk de curator, te betalen een bedrag van € 850.000,00 bij wege van voorschot,
3.4. veroordeelt gedaagden hoofdelijk in de proceskosten van € 9.654,04, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als gedaagden niet tijdig aan de veroordelingen voldoen en het vonnis daarna wordt betekend,
3.5. verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad wat betreft de beslissingen onder 3.1, 3.3 en 3.4,
3.6. wijst af het anders of meer gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. drs. A.M. van Diggele en in het openbaar uitgesproken op 24 juni 2026.