Skip to main content

ECLI:NL:RBNHO:2026:7433

Instanță

Haarlem

Data

3 June 2026

Limba

nl

Rezumatul Cauzei

Problema Juridică

Civiel recht; Verbintenissenrecht

Hotărâre / Soluție

Uitspraak

Haarlem

Procedure: UitspraakDomain: Civiel recht; VerbintenissenrechtType: uitspraak

RECHTBANKNOORD-HOLLAND

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Haarlem

Zaaknummer: 12107095 \ CV EXPL 26-1044

Vonnis van 3 juni 2026

in de zaak van

[eiser],

wonende te [plaats],

eisende partij,

hierna te noemen: [eiser],

gemachtigde: IP Nederland Incasso & Juristen,

tegen

de besloten vennootschap, NINA CARE B.V.,

gevestigd te Haarlem,

gedaagde partij,

hierna te noemen: Nina Care,

verschenen bij haar directeur, [gemachtigde].

1. De procedure

1.1..

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • de dagvaarding; - de conclusie van antwoord; - de conclusie van repliek; - de conclusie van dupliek.

1.2.. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. Het geschil

2.1..
[eiser] vordert - samengevat - veroordeling van Nina Care tot betaling van € 2.245,00 aan hoofdsom, vermeerderd met rente en kosten.

2.2..
[eiser] legt aan zijn vordering ten grondslag dat Nina Care tekort is geschoten in de nakoming van de tussen partijen gesloten overeenkomst, op grond waarvan Nina Care een au pair zou leveren aan [eiser]. Er is sprake van een blijvende onmogelijkheid aan de zijde van Nina Care, aangezien de IND de vergunning van het au-pair-bureau heeft ingetrokken. [eiser] vordert daarom terugbetaling van de Self Match Fee (€ 1.705,00) en de verzekering (€ 540,00).2.3.. Nina Care heeft de vordering erkend, maar beroept zich op haar slechte financiële situatie en acute liquiditeitsdruk. Er maken meerdere schuldeisers aanspraak op betaling. Nina Care heeft daarom bewust gekozen voor een uniforme refundregeling met als uitgangspunt gelijke behandeling van schuldeisers. Nina Care verzoekt dan ook om de zaak aan te houden teneinde ruimte te bieden voor een collectieve oplossing, de toewijzing niet uitvoerbaar bij voorraad te verklaren dan wel een betalingsregeling of nadere termijn te bepalen die aansluit bij de bestaande refundregeling.

2.4.. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

3. De beoordeling

3.1.. Nina Care heeft de vordering tot betaling van de hoofdsom erkend, zodat deze in beginsel voor toewijzing gereed ligt.

3.2.. De kantonrechter stelt vast dat Nina Care op dit moment niet in staat van faillissement verkeert. Dat betekent dat het [eiser] vrijstaat om zijn individuele vordering direct op te eisen. Hij hoeft dus niet te wachten op een collectieve oplossing en is ook niet gebonden aan de door Nina Care eenzijdig opgestelde rangregeling (refundregeling).

3.3.. Nina Care heeft om een betalingsregeling verzocht. [eiser] heeft aangegeven dat hij geen betalingsregeling wil treffen. De wet biedt de kantonrechter niet de mogelijkheid om Nina Care toch een betalingsregeling op te leggen. Dat betekent dat zij het gehele bedrag aan [eiser] moet betalen. De vordering van [eiser] wordt dan ook integraal toegewezen.

3.4..
[eiser] vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). [eiser] heeft voldoende gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. [eiser] heeft daarom recht op een vergoeding voor de kosten van die werkzaamheden. Omdat [eiser] geen ondernemer is, wordt de vergoeding verhoogd met btw. Daarom zal een bedrag van € 407,47 worden toegewezen.

3.5.. Nina Care is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiser] worden begroot op:

  • kosten van de dagvaarding

155,67

  • griffierecht

265,00

  • salaris gemachtigde

506,00

(2 punten × € 253,00)

  • nakosten

126,50

(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

1.053,17

4. De beslissing

De kantonrechter:

4.1.. veroordeelt Nina Care om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 2.317,58, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over een bedrag van € 2.245,00, met ingang van 3 februari 2026, tot de dag van volledige betaling,4.2.. veroordeelt Nina Care om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 407,47 aan buitengerechtelijke kosten,

4.3.. veroordeelt Nina Care in de proceskosten van € 1.053,17, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Nina Care niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

4.4.. verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. Dijk en in het openbaar uitgesproken op 3 juni 2026.

De griffier De kantonrechter

Mai Multe Decizii