Skip to main content

ECLI:NL:RBAMS:2026:6857

Gericht

Amsterdam

Datum

22 June 2026

Sprache

nl

Zusammenfassung

Rechtsfrage

Strafrecht; Strafprocesrecht

Entscheidung / Tenor

Uitspraak

Amsterdam

Procedure: UitspraakDomain: Strafrecht; StrafprocesrechtType: uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Wrakingskamer

Beslissing van 22 juni 2026 op het onder rekestnummer C/13/789883 HA RK 26/239 ingeschreven verzoek tot verschoning ingediend door:

mr. B. van Galen, rechter bij de rechtbank Amsterdam, hierna: de rechter.

1. De procedure

Bij de afdeling strafrecht van de Rechtbank te Amsterdam is een zaak aanhangig met parketnummer 13/405281-24 die is toegewezen aan de rechter.

2. Het verzoek

Aan het verzoek is ten grondslag gelegd dat het de rechter bij de voorbereiding van de behandeling is gebleken dat de verdachte in deze zaak ([naam], bijgestaan door mr. D.R. Backers) onderdeel uitmaakt van haar persoonlijke/zakelijke kennissenkring.

3. De beoordeling

3.1.. Op grond van het bepaalde in artikel 518 van het Wetboek van Strafvordering (hierna Sv) dient in een verschoningsprocedure te worden beslist of er sprake is van de in artikel 512 Sv genoemde feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Uit voormelde bepaling valt af te leiden dat de behandeling van een verschoningsverzoek, anders dan de behandeling van een wrakingsverzoek, niet ter terechtzitting behoeft plaats te vinden. De rechtbank zal daarom zonder mondelinge behandeling een beslissing nemen op het verzoek.

3.2.. Verschoning is een middel ter verzekering van (het vertrouwen in) de rechterlijke onpartijdigheid.

3.3.. De rechtbank oordeelt dat de geobjectiveerde vrees kan ontstaan dat de rechter de zaak niet onpartijdig kan behandelen nu de verdachte een supermarkt heeft waar hij dagelijks werkt, die is gevestigd in de directe woonomgeving van de rechter en in de nabijheid van de school van haar kinderen. De rechter bezoekt die supermarkt meerdere keren per week, ook met haar kinderen. Hierdoor bestaat een terugkerende zakelijke en maatschappelijke relatie tussen de rechter en de supermarkt. Gelet daarop wordt het verzoek toegewezen.

De rechtbank:

 wijst het verzoek tot verschoning toe en bepaalt dat de behandeling van de zaak met parketnummer 13/405281-24 wordt voortgezet voor een andere rechter;

 beveelt dat (een afschrift van) deze beslissing met inachtneming van het bepaalde bij artikel 518, tweede lid Sv wordt toegezonden aan:

 de raadsman van verdachte;

 de rechter; en

 de officier van justitie.

Aldus gegeven door mr. N.C.H. Blankevoort, voorzitter, mr. P.B. Martens en mr. W.M. de Vries, leden, op 22 juni 2026 in tegenwoordigheid van de griffier.

Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.

Weitere Entscheidungen