ECLI:NL:RBGEL:2026:5136
Zusammenfassung
Civiel recht; Arbeidsrecht
Uitspraak
Arnhem
RECHTBANKGELDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Arnhem
Zaaknummer: 11931681 \ CV EXPL 25-8392
Vonnis in verzet van 17 juni 2026
in de zaak van
CARE4DENTAL B.V.,
te Rosmalen,
eisende partij in verzet,
hierna te noemen: Care4Dental,
gemachtigde: [gemachtigde] ,
tegen
[naam gedaagde],
te [woonplaats] ,
gedaagde partij in verzet,
hierna te noemen: [de gedaagde] ,
gemachtigde: ARAG rechtsbijstand.
1. De procedure
1.1.. Het verloop van de procedure blijkt uit:
het tussenvonnis van 22 oktober 2025
de mondelinge behandeling van 10 april 2026.
1.2.. Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De feiten
2.1..
[de gedaagde] treedt op 22 juli 2024 bij Care4Dental in dienst op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, laatstelijk in de functie van Tandarts voor 32 uur per week. Na een korte ziekteperiode van [de gedaagde] is de arbeidsovereenkomst tussen partijen geëindigd op 1 februari 2025.
2.2.. Ten aanzien van het salaris is in artikel 5 van de arbeidsovereenkomst opgenomen:
1. Het salaris bedraagt de bruto honorarium maandomzet maal 40% als totale lasten voor de werkgever. Dit wordt zo berekend dat in totaliteit alle lasten voor de werkgever 40% van de bruto honorarium maandomzet bedragen en is onder andere inclusief afkoop debiteurenrisico, verzuimverzekering, werkkostenregeling, aansprakelijkheidsverzekering, …)
Per definitie is dit hetzelfde als 40% voor ZZP’ers.
2. Mocht het salaris zoals onder punt 1 beschreven als ondergrens van € 4500,- bruto per maand voor 40 uren per week en inclusief vakantiegeld niet halen, dan zal desondanks de ondergrens betaald worden.
3. Onder “bruto-honorarium” wordt hier verstaan: het totaalbedrag gedeclareerd in verband met de verrichtingen die werknemer heeft uitgevoerd, verminderd met de eventuele BTW, de aan de patiënt doorbelaste materiaal- (UTP-codes A20, B12, E98, H21, J057, J001, J002 en Q8001) en techniekkosten en met aftrek van de vergoedingen/bedragen die door patiënten of verzekeraars in redelijkheid worden betwist en waarvan partijen met de creditering instemmen.
4. De bruto honorarium maandomzetten worden teruggerekend op jaarbasis, dus de totale bruto honorarium jaaromzet maal 40% bepaalt het jaarsalaris inclusief alle lasten voor de werkgever. Dit wordt per kwartaal en aan het einde van het jaar herberekend. Indien nodig vindt hierna verrekening plats. Dit geschiedt ieder kwartaal.
Oftewel, in totaliteit alle jaarlijkse lasten zal gelijk zijn aan de bruto honorarium jaaromzet maal 40%. Indien de uitkomst hiervan minder is dan 12x de ondergrens, dan geldt 12x de ondergrens zoals beschreven onder punt 2.
5. Werknemer zal maandelijks een overzicht van zijn omzetten mailen naar de praktijkmanager ter controle. Nadat praktijkmanager hiermee akkoord is wordt het maandelijks overzicht van de omzetten gemaild naar ( [emailadres] ) zodat bonussen juist verwerkt kunnen worden in de salarisadministratie.
6. De directie van Atlas Dental Care stelt jaarlijks de lasten voor de werkgever vast op basis van onder andere wettelijke regels aangaande belastingafdrachten.”
3. Het geschil
3.1..
[de gedaagde] heeft bij inleidende dagvaarding gevorderd dat de kantonrechter bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
primair:
I. Care4Dental veroordeelt tot betaling van achterstallig salaris over de maanden juli 2024 tot en met december 2024 ter hoogte van € 10.719,15 bruto, althans een in goede justitie te bepalen bedrag;
II. Care4Dental veroordeelt tot betaling van de wettelijke verhoging ex artikel 7:625 BW over het onder I. gevorderde bedrag vanaf de dag van opeisbaarheid tot aan de dag van algehele voldoening;
III. Care4Dental veroordeelt tot betaling van de wettelijke rente over het onder I. gevorderde bedrag vanaf de dag van opeisbaarheid tot aan de dag van algehele voldoening;
IV. Care4Dental veroordeelt om binnen veertien dagen na betekening van het vonnis aan [de gedaagde] een bruto/netto specificatie van het onder I. genoemde bedrag te verstrekken op straffe van een dwangsom van € 250,00 voor iedere dag dat Care4Dental ter zake de verstrekking van de specificaties in gebreke blijft met een maximum van € 2.500,00;
subsidiair
V. Care4Dental veroordeelt tot betaling van achterstallig salaris over de maanden juli 2024 tot en met december 2024 ter hoogte van € 9.024,40 bruto, althans een in goede justitie te bepalen bedrag;
VI. Care4Dental veroordeelt tot betaling van de wettelijke verhoging ex artikel 7:625 BW over het onder V. gevorderde bedrag vanaf de dag van opeisbaarheid tot aan de dag van algehele voldoening;
VII. Care4Dental veroordeelt tot betaling van de wettelijke rente over het onder V. gevorderde bedrag vanaf de dag van opeisbaarheid tot aan de dag van algehele voldoening;
VIII. Care4Dental veroordeelt om binnen veertien dagen na betekening van het vonnis aan [de gedaagde] een bruto/netto specificatie van het onder V. genoemde bedrag te verstrekken op straffe van een dwangsom van € 250,00 voor iedere dag dat Care4Dental ter zake de verstrekking van de specificaties in gebreke blijft met een maximum van € 2.500,00;
meer subsidiair
IX. Care4Dental veroordeelt tot betaling van achterstallig salaris over de maanden juli 2024 tot en met december 2024 ter hoogte van € 4.294,22 bruto, althans een in goede justitie te bepalen bedrag;
X. Care4Dental veroordeelt tot betaling van de wettelijke verhoging ex artikel 7:625 BW over het onder IX. gevorderde bedrag vanaf de dag van opeisbaarheid tot aan de dag van algehele voldoening;
XI. Care4Dental veroordeelt tot betaling van de wettelijke rente over het onder IX. gevorderde bedrag vanaf de dag van opeisbaarheid tot aan de dag van algehele voldoening;
XII. Care4Dental veroordeelt om binnen veertien dagen na betekening van het vonnis aan [de gedaagde] een bruto/netto specificatie van het onder IX. genoemde bedrag te verstrekken op straffe van een dwangsom van € 250,00 voor iedere dag dat Care4Dental ter zake de verstrekking van de specificaties in gebreke blijft met een maximum van € 2.500,00;
uiterst subsidiair
XIII. Care4Dental veroordeelt tot betaling van achterstallig salaris over de maanden juli 2024 tot en met december 2024 ter hoogte van € 2.731,32 bruto, althans een in goede justitie te bepalen bedrag;
XIV. Care4Dental veroordeelt tot betaling van de wettelijke verhoging ex artikel 7:625 BW over het onder XIII. gevorderde bedrag vanaf de dag van opeisbaarheid tot aan de dag van algehele voldoening;
XV. Care4Dental veroordeelt tot betaling van de wettelijke rente over het onder XIII. gevorderde bedrag vanaf de dag van opeisbaarheid tot aan de dag van algehele voldoening;
XVI. Care4Dental veroordeelt om binnen veertien dagen na betekening van het vonnis aan [de gedaagde] een bruto/netto specificatie van het onder XIII. genoemde bedrag te verstrekken op straffe van een dwangsom van € 250,00 voor iedere dag dat Care4Dental ter zake de verstrekking van de specificaties in gebreke blijft met een maximum van € 2.500,00;
3.2..
[de gedaagde] legt aan haar vordering ten grondslag dat de loonconstructie zoals opgenomen in artikel 5 van de arbeidsovereenkomst onrechtmatig is omdat de werkgeverslasten op haar worden verhaald. Bovendien is de bepaling voor meerdere uitleg vatbaar als gevolg waarvan de salarisberekening niet eenduidig kan worden vastgesteld. Dit heeft tot gevolg dat Care4Dental een andere berekening van het loon voorstaat dan zoals [de gedaagde] heeft begrepen bij het aangaan van de overeenkomst. [de gedaagde] stelt dat als de door haar voorgestane berekeningswijze wordt gevolgd, zij gedurende het dienstverband te weinig loon uitbetaald heeft gekregen. Omdat Care4Dental te weinig loon heeft uitbetaald is zij naast de nabetaling van dit loon, de wettelijke rente, wettelijke verhoging en de buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd.
3.3.. In het verstekvonnis van 3 september 2025 (11855034 CV EXPL 25-6739) zijn de primaire vorderingen van [de gedaagde] toegewezen en is Care4Dental veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
3.4..
Care4Dental vordert in deze verzetprocedure dat de kantonrechter bij vonnis, Care4Dental ontheft van de veroordeling zoals die is uitgesproken in het verstekvonnis, met veroordeling van [de gedaagde] in de kosten van de verzetprocedure.
Care4Dental betwist dat de intenties van partijen bij aanvang van de arbeidsovereenkomst onduidelijk waren en dat [de gedaagde] te weinig betaald heeft gekregen. Zij voert aan dat partijen hebben beoogd een situatie te creëren waarbij het nettoloon hetzelfde zou zijn als wanneer [de gedaagde] als ZZP’er had gewerkt. Omdat het werken op ZZP-basis voor buitenlandse werknemers fiscaal ongunstig kan zijn, is voor een dienstverband gekozen, waarbij het de bedoeling was dat [de gedaagde] niet beter of slechter zou verdienen dan ZZP tandartsen.
4. De beoordeling
4.1.. Partijen zijn in de arbeidsovereenkomst een omzet gerelateerde variabele beloning overeengekomen met een bepaalde ondergrens, het garantiesalaris. De vraag die partijen in deze procedure verdeeld houdt is hoe de in artikel 5 lid 1 van de arbeidsovereenkomst opgenomen berekeningssystematiek van de variabele beloning moet worden uitgelegd. In dat artikel staat:
“Het salaris bedraagt de bruto honorarium maandomzet maal 40% als totale lasten voor de werkgever. Dit wordt zo berekend dat in totaliteit alle lasten voor de werkgever 40% van de bruto honorarium maandomzet bedragen en is onder andere inclusief afkoop debiteurenrisico, verzuimverzekering, werkkostenregeling, aansprakelijkheidsverzekering,…). Per definitie is dit hetzelfde als 40% voor ZZP’ers.”
4.2.. De meest verstrekkende stelling van [de gedaagde] is dat dit artikel zo moet worden uitgelegd dat haar brutosalaris 40% van haar bruto honorarium maandomzet bedraagt. Care4Dental heeft dit betwist en voert aan dat de tekst in artikel 5 lid 1 van de arbeidsovereenkomst zo moet worden uitgelegd dat op het genoemde percentage van 40% een aantal percentages aan werkgeverslasten in mindering strekken zodat Care4Dental alle kosten die een tandarts moet betalen om zijn praktijk te houden op dit deel van de omzet van [de gedaagde] in mindering brengt. Afhankelijk van de hoogte van de bruto honorarium maandomzet, resteert dan een percentage gelegen tussen de 25,2% en 29,7%, althans 37,521% dat resteert aan brutosalaris, inclusief vakantiegeld.
4.3.. De betekenis van artikel 5 van de arbeidsovereenkomst moet worden uitgelegd aan de hand van de zogenoemde Haviltex-maatstaf. De kantonrechter stelt voorop dat het bij die uitleg aankomt op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan de bepalingen van hun overeenkomst, en aan hetgeen zij te dien aanzien tegenover elkaar hebben verklaard, mochten toekennen, alsook op hetgeen zij redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten (HR 13 maart 1981 NJ 1981, 635 inzake ‘Haviltex’). Beslissende betekenis komt dus toe aan alle omstandigheden van het concrete geval, gewaardeerd naar hetgeen de maatstaven van redelijkheid en billijkheid meebrengen. Aan de ‘Haviltex’-norm ligt de gedachte ten grondslag dat de uitleg van een schriftelijk contract niet dient plaats te vinden op grond van alleen de taalkundige betekenis van de bewoordingen waarin het is gesteld, maar is in praktisch opzicht de betekenis die de bewoordingen, gelezen in de context van dat geschrift als geheel, in de desbetreffende kring van het maatschappelijk verkeer normaal gesproken hebben, bij de uitleg van dat geschrift wel van groot belang. Daarbij geldt dat als een bepaling uit een arbeidsovereenkomst onduidelijk is en de belangen van een werknemer treft, de bepaling in het algemeen in het voordeel van de werknemer moet worden uitgelegd. Dit brengt de kantonrechter in deze zaak tot de volgende beoordeling.
4.4..
Care4Dental heeft tijdens de mondelinge behandeling een toelichting gegeven op de totstandkoming van de door haar genoemde percentages en aan de kantonrechter inzicht gegeven in de wijze waarop de percentages kunnen fluctueren door een hogere of lagere omzet. Dat deze door Care4Dental voorgestane uitleg, waarvan de kantonrechter best wil onderkennen dat die gebruikelijk is binnen de tandartsenpraktijk, ook zo door [de gedaagde] bij aanvang van de arbeidsovereenkomst kon, althans moest, worden opgevat, volgt de kantonrechter echter niet. Uit de tekst van het artikel volgt immers niet eenduidig dat én welke percentages of bedragen op de bruto honorarium maandomzet in mindering worden gebracht. Evenmin is gesteld of gebleken dat Care4Dental voorafgaand aan het sluiten van de arbeidsovereenkomst aan [de gedaagde] , anders dan het overleggen van de arbeidsovereenkomst, concrete informatie heeft verstrekt over de bestanddelen van het bruto maandsalaris en de berekening daarvan. Zo is bij aanvang niet aan [de gedaagde] kenbaar gemaakt dat op het haar toekomende deel van de omzet, de genoemde 40%, zowel de premies voor werknemersverzekering en ziektekostenverzekering in mindering strekken als ook de door Care4Dental genoemde ‘buiten loonstrook werkgeverslasten’ zoals een beroepsaansprakelijkheidsverzekering, afkoop debiteurenrisico, arbeidsongeschiktheidsverzekering, nascholing, contributies en accountantskosten en de werkgeverslasten op de loonstrook die als gevolg van diverse wettelijke premies moesten worden afgedragen aan de overheid. Als het de bedoeling van Care4Dental was om
alle kosten die een tandarts-praktijkhouder moet voldoen uit dit deel van de omzet (de 40%) van [de gedaagde] te betalen, en het brutosalaris als gevolg daarvan altijd minder dan de opgenomen 40% zou bedragen, lag het op de weg van haar als werkgever om dit nader te specificeren in de arbeidsovereenkomst. Dat klemt temeer nu [de gedaagde] een buitenlandse werknemer is, nog niet zolang in Nederland woonachtig is en de Nederlandse taal niet op een vergevorderd niveau beheerst.
4.5.. Care4Dental heeft aangevoerd dat zij niet in staat was om een berekening te overleggen omdat een deel van de berekening van de werkgeverslasten automatisch volgt uit het salarisverwerkingssysteem Nmbrs van Visma. In dit systeem worden de werkgeverslasten teruggerekend naar brutoloon. Volgens Care4Dental kan zij als gevolg van de werking van dit systeem, geen exacte berekening tonen en dus ook geen inzicht verschaffen in de opbouw van de percentages. Daarmee miskent Care4Dental echter de op grond van artikel 7:655 BW op haar rustende verplichting om bij aanvangvan het dienstverband duidelijkheid te verschaffen over de hoogte van het loon en de afzonderlijke bestanddelen ervan. Dat zij geen inzicht kan verschaffen als gevolg van de werking van het administratiesysteem komt daarom bij de uitleg van een bepaling over de opbouw van het salaris voor haar rekening en risico.
4.6.. Bij de uitleg van de arbeidsovereenkomst wordt verder betekenis gehecht aan de door [de gedaagde] gewenste deelname aan de Expatregeling voor hoogopgeleide buitenlandse werknemers, de zogenaamde 30%-regeling, waarbij zij in aanmerking komt voor een belastingvoordeel als haar fiscaal loon meer dan € 46.000,00 bruto bedraagt. [de gedaagde] heeft onweersproken gesteld dat zij bij de praktijkmanager van Care4Dental heeft nagevraagd of haar te verdienen salaris de grens van € 46.000,00 zou overstijgen en heeft vervolgens, toen daarop instemmend is geantwoord, een daartoe strekkend aanvraagformulier ingeleverd bij Care4Dental. Met alleen het garantiesalaris van € 3.333,33 bruto per maand zou [de gedaagde] nooit de inkomensgrens hebben behaald. Zodat een redelijke uitleg met zich meebrengt dat [de gedaagde] ervan uit mocht gaan dat zij 40% van haar bruto honorarium maandomzet zou verdienen, omdat zij met de door Care4Dental voorgestane uitleg niet aan de inkomensgrens van de 30%-regeling kon voldoen. Care4Dental heeft tijdens de mondelinge behandeling aangevoerd dat haar praktijkmanager niet bevoegd was om dergelijke toezeggingen te doen aan [de gedaagde] maar dit kan in de gegeven omstandigheden en de achtergrond van [de gedaagde] niet aan haar worden tegengeworpen. Indachtig de achtergrond van [de gedaagde] als buitenlandse werknemer en haar wens om voor de 30%-regeling in aanmerking te komen, had zij een groot belang bij duidelijkheid over het te ontvangen loon. Als [de gedaagde] voor aanvang van haar dienstverband beter door Care4Dental was voorgelicht, had [de gedaagde] zelf de conclusie kunnen trekken dat haar salaris mogelijk niet boven de grens van de 30%-regeling zou komen, althans dat zij een veelvoud van de door haar gerealiseerde omzet had moeten realiseren om daar wel voor in aanmerking te komen.
4.7.. De waarde die Care4Dental hecht aan de vergelijking met een ZZP’er in artikel 5 lid 1 van de arbeidsovereenkomst volgt de kantonrechter evenmin. [de gedaagde] heeft immers welbewust gekozen om niet als ZZP’er werkzaam te zijn. Een redelijke uitleg brengt met zich dat zij niet uit de arbeidsovereenkomst hoefde af te leiden dat zij dus, in tegenstelling tot een ZZP’er, niet 40% van haar bruto honorarium omzet zou ontvangen, maar dat daarop nog alle kosten van een tandartspraktijkhouder in mindering zouden strekken.
4.8.. Nu de door Care4Dental voorgestane uitleg niet uit de arbeidsovereenkomst kan worden afgeleid en evenmin is gebleken dat partijen in de aanloop naar het sluiten van de arbeidsovereenkomst hebben gesproken over een andere berekeningssystematiek, hoefde [de gedaagde] geen rekening te houden met een andere opbouw van haar salaris dan de genoemde 40% van de bruto honorarium maandomzet. Dit betekent dat geen aanleiding bestaat om het verstekvonnis te vernietigen voor zover dit ziet op de betaling van het achterstallig salaris van € 10.719,15 bruto. Het verzet is in zoverre ongegrond.
Wettelijke verhoging
4.9..
[de gedaagde] heeft gevorderd om Care4Dental te veroordelen tot betaling van de wettelijke verhoging. De wettelijke verhoging van artikel 7:625 BW is bedoeld als prikkel voor de werkgever om tot tijdige betaling van het loon over te gaan. De arbeidsovereenkomst tussen partijen is echter geëindigd zodat van enige loonbetaling geen sprake meer zal zijn. Dit brengt met zich dat bovengenoemde prikkel voor de werkgever zinledig is geworden. De kantonrechter ziet dan ook aanleiding de wettelijke verhoging te matigen tot nihil, temeer nu [de gedaagde] ook aanspraak heeft gemaakt op betaling van de wettelijke rente. Het verstekvonnis zal ten aanzien van dit onderdeel van de vordering dan ook worden vernietigd.
Overige bij het verstekvonnis toegewezen vorderingen
4.10.. Care4Dental heeft geen verweer gevoerd tegen de in de verstekprocedure toegewezen verklaring voor recht, de veroordeling tot het verstrekken van een bruto/netto specificatie en jaaropgave en de veroordeling tot betaling van de buitengerechtelijke incassokosten, zodat dit deel van de toegewezen vorderingen van [de gedaagde] onbesproken kunnen blijven.
4.11.. Datzelfde geldt voor de door Care4Dental vermeende te veel verrichte betalingen aan [de gedaagde] . Care4Dental heeft daartoe immers geen tegenvordering voor ingesteld.
Conclusie
4.12.. Het bovenstaande leidt ertoe dat het verzet gedeeltelijk gegrond is en dat het verstekvonnis, voor zover het betreft de veroordeling tot betaling van de wettelijke verhoging, niet in stand kan blijven. Voor zover het deze veroordelingen betreft zal het verstekvonnis dan ook worden vernietigd. Het verstekvonnis zal voor het overige bekrachtigd worden.
Proceskosten verzetprocedure
4.13.. Als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij zal Care4Dental worden veroordeeld in de kosten van het verzet. De proceskosten van [de gedaagde] worden begroot op:
- salaris gemachtigde
€
360,00
(1 punt × € 360,00)
- nakosten
€
144,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
504,00
5. De beslissing
De kantonrechter
5.1.. verklaart het verzet gedeeltelijk gegrond,
5.2.. vernietigt het door deze rechtbank op 3 september 2025 onder zaaknummer 11855034 CV EXPL 25-6739 tussen partijen gewezen verstekvonnis voor zover Care4Dental daarbij is veroordeeld tot betaling van de wettelijke verhoging over het bedrag van € 10.719,15 bruto,
5.3.. bekrachtigt het op 3 september 2025 onder zaaknummer 11855034 CV EXPL 25-6739 tussen partijen gewezen verstekvonnis voor het overige,
5.4.. veroordeelt Care4Dental in de proceskosten van € 504,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Care4Dental B.V. niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.5.. verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
5.6.. wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. W. van der Boon en in het openbaar uitgesproken op 17 juni 2026.
34124 / 53854
In de arbeidsovereenkomst staat 30% maar tijdens de mondelinge behandeling is vastgesteld dat dit een fout is in de overeenkomst en dat dit 40% moet zijn.