Skip to main content

ECLI:NL:RBZWB:2026:5425

Gericht

Middelburg

Datum

20 May 2026

Sprache

nl

Zusammenfassung

Rechtsfrage

Civiel recht; Personen- en familierecht

Entscheidung / Tenor

Uitspraak

Middelburg

Procedure: UitspraakDomain: Civiel recht; Personen- en familierechtType: uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Middelburg

Zaaknummer: C/02/446984 / JE RK 26-626

Datum uitspraak: 20 mei 2026

Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling

in de zaak van

STICHTING JEUGDBESCHERMING BRABANT,

gevestigd te 's-Hertogenbosch,

hierna te noemen: de GI,

over

[minderjarige 1], geboren op [geboortedag 1] 2015 in [geboorteplaats] ,

hierna te noemen: [minderjarige 1] ,

[minderjarige 2], geboren op [geboortedag 2] 2017 in [geboorteplaats] ,

hierna te noemen: [minderjarige 2] .

De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:

[de moeder],

hierna te noemen: de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres.

De kinderrechter merkt als informant aan:

[de vader],

hierna te noemen: de vader,

wonende op een bij de rechtbank onbekend adres in Bonaire.

1. Het verloop van de procedure

1.1.. De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 1 april 2026;

de brief van [minderjarige 1] , ontvangen op 18 mei 2026;

het bericht van de GI, ontvangen op 20 mei 2026.

1.2.. De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 20 mei 2026. Daarbij waren aanwezig:

  • de moeder;

  • een vertegenwoordiger van de GI.

De vader zou digitaal aansluiten, maar is niet verschenen.

1.3.. De kinderrechter heeft [minderjarige 1] en [minderjarige 2] naar hun mening gevraagd. [minderjarige 2] heeft hier geen gebruik van gemaakt. [minderjarige 1] heeft hierover een brief geschreven. Tijdens de zitting heeft de kinderrechter samengevat wat [minderjarige 1] heeft geschreven. De aanwezigen hebben daarop kunnen reageren.

2. De feiten

2.1.. Bij beschikking van het Gerecht in Eerste Aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, zittingsplaats Bonaire, van 22 september 2025 is de moeder belast met het eenhoofdig gezag over [minderjarige 1] en [minderjarige 2] .

2.2.. Bij beschikking van het Gerecht in Eerste Aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, zittingsplaats Bonaire, van 29 mei 2024 zijn [minderjarige 1] en [minderjarige 2] onder toezicht gesteld van Zorg en Jeugd Caribisch Nederland (ZJCN) tot 29 mei 2025. Bij beschikking van 21 mei 2025 is deze maatregel verlengd tot 29 mei 2026.

2.3.. Bij beschikking van het Gerecht in Eerste Aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, zittingsplaats Bonaire, van 14 januari 2026 is de ondertoezichtstelling overgedragen en is de gecertificeerde instelling Stichting Jeugdbescherming Brabant benoemd tot gezinsvoogd belast met het toezicht op de minderjarigen [minderjarige 1] en [minderjarige 2] .

2.4..
[minderjarige 1] en [minderjarige 2] wonen bij hun moeder.

3. Het verzoek

3.1.. De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] te verlengen voor de duur van een jaar en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

4. De standpunten

4.1.. De GI handhaaft het verzoek en verwijst ter onderbouwing van het verzoek naar de overgelegde stukken. De GI geeft aan dat deze zaak een monitoringszaak betreft, hetgeen inhoudt dat er nog geen vaste jeugdbeschermer betrokken is bij het gezin. Op dit moment monitort de GI de actuele veiligheid. [hulpverlening] gaat vanuit Nederland het contact tussen de vader en de kinderen begeleiden. De vader heeft aan de GI aangegeven het eens te zijn met de ondertoezichtstelling.

4.2..
[minderjarige 1] geeft in haar brief aan de kinderrechter aan dat ze haar vader erg mist. Op [plaats] waren er zowel leuke als nare dingen. De nare dingen waren de ruzies en de week of week af regeling. De leuke dingen waren de spellen met papa en mama, de verjaardagen, film kijken, beneden slapen en de [hond] .

4.3.. De moeder geeft aan achter het verzoek van de GI te staan. Het duurt lang om alle processen vanuit [plaats] ook in Nederland te laten lopen. Het is belangrijk dat er zo snel mogelijk hulp komt voor de kinderen. De kinderen hebben recentelijk kennis gemaakt met de kindbehartiger.

5. De beoordeling

5.1.. De kinderrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden voor een verlenging van de ondertoezichtstelling is voldaan.De kinderrechter legt hieronder uit waarom.

5.2.. De ontwikkeling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] wordt nog steeds ernstig bedreigd, omdat de kinderen voor een langere periode zijn blootgesteld aan een onveilig opvoedklimaat. Door jarenlange blootstelling aan de ernstige partnerproblematiek tussen de ouders en huiselijk geweld, hebben de kinderen traumagerelateerde klachten ontwikkeld. De kinderen laten wisselend gedrag zien en er is sprake van hoge gevoeligheid voor spanning. [minderjarige 1] en [minderjarige 2] wonen momenteel met de moeder in Nederland. De vader verblijft nog steeds in [plaats] . De onveilige dynamiek tussen de moeder en de vader blijft echter aanwezig. Dit heeft effect op de kinderen. Er is sprake van een loyaliteitsconflict bij [minderjarige 1] en [minderjarige 2] . Indien er niks verandert tussen de ouders zullen de kinderen op termijn emotioneel gedwongen worden om één ouder boven de ander te verkiezen. Ondanks de spanningen tussen de ouders blijft het belangrijk dat de kinderen in contact blijven met de vader. De ernstige ontwikkelingsbedreiging kan niet of onvoldoende worden weggenomen met vrijwillige hulpverlening, omdat de ouders samen niet in staat zijn in het belang van de kinderen afspraken te maken. Het is nodig dat de GI regie voert om zo het belang van de kinderen voorop te stellen.

5.3.. De ondertoezichtstelling is daarom nog steeds nodig. [minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben een voorspelbare gezinssituatie nodig waarin ze zich veilig voelen en waar er duidelijke regels en afspraken zijn. De huidige situatie, met complexe problematiek bij de kinderen en tussen de ouders, speelt al een langere tijd en hier lijkt geen ontwikkeling in te zitten. Het is positief dat [hulpverlening] betrokken is en dat een kindbehartiger is ingezet. [hulpverlening] moet echter de begeleiding van het contact tussen de kinderen en de vader nog opstarten. Ook de kindbehartiger is pas recentelijk gestart. Het is belangrijk dat de GI goed zicht krijgt op de kinderen en de noodzakelijke hulpverlening voor de kinderen gaat inzetten en monitoren. Daarnaast is het van belang dat de vader betrokken blijft bij het proces en dat het huidige patroon in de oudercommunicatie doorbroken wordt. Tot slot geeft de kinderrechter aan de GI mee dat het van groot belang is dat het gezin een vaste jeugdbeschermer krijgt. De kinderrechter verwacht bij een eventueel verlengingsverzoek een uitgebreid rapport, met volledige informatie. De kinderrechter verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] voor de duur van een jaar.

5.4.. De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.

6. De beslissing

De kinderrechter:

6.1.. verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] met ingang van 29 mei 2026 tot 29 mei 2027;6.2.. verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 20 mei 2026 door mr. Dijkman, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. Den Boer als griffier, en op schrift gesteld op 3 juni 2026.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Artikel 1:260 BW.

Weitere Entscheidungen